“op zonne-energie aangedreven overlevingsuitrusting gek survival uitrusting”

De behoefte voor een veilig territorium was niet verdwenen, een territorium dat veilig genoeg was om de soort te beschermen en om te kunnen overleven op gebied van voedselvoorziening. Met de intelligentie ontwikkeling kon de mens zijn bewapening zo doelmatig mogelijk gebruiken en de vindingen op dit gebied kon worden ingezet voor massa vernietiging en doelmatiger territoriums veroveringen.
‘Zomaar, heer,’ zei Eochaid. ‘Gewoon een praatje om de tijd te doden.’ Hij draaide zijn hoofd om zijn onschuldige lach te laten zien, en stopte even met peddelen. Aangezien Harbrands soldaat aan het andere eind van de boot gewoon doorpeddelde, maakte het scheepje onmiddellijk een zwenking naar stuurboord. Urendel greep in paniek beide boorden vast, verhief zich een eindje van zijn doft, zag in dat dit zinloos was en zakte weer neer. Dit alles verhoogde de instabiliteit nog; het bootje schommelde en dreigde even te kapseizen, zodat Harbrand vloekend orde moest scheppen. ‘Blijf zitten!’ schreeuwde hij tegen de monnik, en tegen Eochaid: ‘Doorroeien, hondsvot!’
Hij bergt zijn trofee op in zijn geldkistje, zodat de vliegen er niet bij kunnen. Hij ontkleedt zich en gooit zijn kleverige plunje achteloos op de zaagselvloer. Dan kruipt hij bij zijn echtgenote in de bedstee. Nog slapend, kruipt ze bij hem vandaan, instinctief, zo ver als ze kan, voordat de muur haar tegenhoudt. Hij kruipt tegen haar aan, duwt haar klem en begint haar slaapjurk omhoog te hijsen. Niets laat zijn eigen bloed zo stromen, als wanneer hij het bloed van anderen heeft laten stromen. Een probaat afrodisiacum.
Nu pas merkte Samuel hoe donker het hier binnen was, hoe muf de lucht rook. Het was hier ook veel te koud naar zijn zin, al was het middag en scheen de zon fel. Hij legde de doos weer onder de tafel en liep naar zijn huis. De rest van de dag bleef hij weg uit de tuin, al waren de krullen van de doos altijd in zijn gedachten. Het was een zon, dat wist hij. Hij kon zich alleen maar niet herinneren hoe hij dat wist. En dat stoorde hem.
Eens te meer voelde hij zich nietig en onbetekenend. Hij begreep de woorden van zijn moeder. Eens gaan we allemaal. Mensen, dieren, bomen, de Aarde, de zon, melk­wegstelsels en sterrenhopen. Maar diep van binnen brandde een vuur, een noodzaak om zijn bestaan voort te zetten. Als ik ooit nog kinderen krijg, zullen ze de Aarde met respect leren behandelen.
‘Ik kijk ernaar uit.’ Samuel luisterde niet meer naar wat Gaetan nog zei. In het water zag hij de rimpels, die door de bewegingen van de kinderen veroorzaakt werden, naar hem toekomen. Ze vloeiden samen en dreven weer uiteen. Net als de krullen op de puzzel­doos.
Eigenlijk is het een soort filosofie waarin niet het “figuratieve” of “creatieve” gedrag van individuele personen centraal staat maar een situatie, een sfeer, een scène of een ruimte op basis van een compositie van “dingen” en “mensen”. Zonder dat de familiaire achtergrond overweldigd en verzopen raakt door het opgeblazen bizarre van in wezen mediocre persoontjes. De figuur-achtergrond is in de schilderkunst als schema overigens al meer dan een volle eeuw opgeheven. Ook de muziek heeft doorheen de 20ste eeuw, met de proliferatie van minimal music naar steeds meer muziekgenres, dat figuur-achtergrond schema van zich afgeworpen. In wezen is dit een uitdrukking van een gegeven dat alle elementen even waardevol (of beter: waardeloos) zijn.
de posthistorische mens (posthistorisch in die zin dat de mensheid na het nationalisme en het imperialisme, i.e. de globalisering, geen historische taak meer heeft) behoudt zijn dierlijkheid niet langer als een niet te onthullen en onopenbaarlijk gegeven, maar beoogt het tegen deze dierlijkheid op te nemen en deze zo door middel van de technologie te beheersen doorheen een totale bemeestering en onderwerping van de Natuur. Dit lijkt overeen te komen met Marx’ perspectief op het Einde van de Geschiedenis, maar Marx zag deze als de ‘bevrijding van de mens’. In Heideggers perspectief, waarbij Agamben zich zo te zien aansluit, betekent dit echter de ‘dood van de mens’ omdat de mens zichzelf in de technologie vernietigd zal hebben. We zien hier het centrale belang van de vraag naar het ‘menselijke’ van de ‘mens’, naar zijn ondergrens (waarbij hij verontmenselijkt wordt, zoals Agamben deze niet-menselijkheid onderkent in de ‘bewoners’ van de naziconcentratiekampen en dit vergaan tot de niet-menselijke conditie beschrijft in zijn boek ‘Quel che resta di Auschwitz’, 1998, Franse vertaling: ‘Ce qui reste d’Auschwitz’, 1999) en naar zijn eventuele bovengrens (de ‘posthumane mens’).
Bij zijn woorden keek Sterre eveneens om zich heen. Ze waren in het station. Correctie, ze waren in een station, gemaakt van bewerkte, houten pilaren en een aantal hoge, aaneengesloten bogen die het dak vorm­den. Een paar kleine gebouwtjes van kale bak­steen met houten kozijnen en glas-in-lood ramen waren het enige dat ze kon zien naast rijen perrons en spoor. Voorbij het perron waren tientallen sporen, meer nog dan ze van Amsterdam Centraal gewend was.
Het probleem betreft de politieke vraag wie deelneemt aan de besluitvorming over de wenselijkheid of aanvaardbaarheid van welke milieuveranderingen, welke opties daarbij genomen worden, hoe men deze opties zal pogen te realiseren, hoe de beschikbare middelen zullen verdeeld worden over de reeks projecten of afgesproken doelstellingen die politiek zijn geformuleerd en welke “ecosystemen” men zal opofferen. Het gaat hier om veel meer dan de mensen aan te sporen in de winter een dikke trui aan te trekken en de verwarming een graad lager te zetten. Wie zal beslissen of rond 2050 Oostende en haar basketbalplein al of niet overstroomd zal worden? Wie zal beslissen of de vlakte van Bengalen wegspoelt en Afrika uitdroogt? Het ziet er naar uit dat net zoals bij de mondiale armoedebestrijding de meest betrokken partijen het minst aan die besluitvormingsprocessen zullen deelnemen. De milieuproblemen confronteren ons dus niet met een reeks wetenschappelijk of technologisch legitimeerbare dilemma’s, maar in de eerste plaats met het recht op democratie voor de mensen die het meest direct met de te verwachten milieuproblemen zullen af te rekenen hebben. We staan hier niet voor kwesties van “politicologische” inzichten of op marketingwetenschappen gebaseerde strategische communicatie, maar voor het al of niet eerbiedigen van het recht van iedereen om zijn of haar zeg te hebben over zijn of haar levensloop en over het uitzicht van de wereld waarin dat leven geleefd moet worden.
De zesde dag was de zee kalm als een slapend kind. Ze stond een tijd lang op het dek, keek naar de school van massieve bootsmanvissen die tot laat in de middag met hen meezwommen, hun geribbelde ruggen als verzonken heuvelruggen vol opstaande twijgen.
Leaf trilde over haar hele lichaam. Ze voelde tranen achter haar ogen branden. Verdomme, ze wilde niet janken. Ze kon die jongen toch niet neerschieten? Ze kon hem toch niet dood laten gaan? Maar ze kon ook haar missie niet opgeven. Het idee om meegevoerd te worden naar één van de trunomium woonschepen, kneep haar keel dicht en maakte haar misselijk.
De smalle straatjes die omhoog slingeren en klimmen naar de woningen van de beter gesitu­eer­den op de top van de rots vormen een stenen laby­rint met overhellende muren. Een wirwar van benauwde kloven die splitsen en kronkelen, ze komen samen en scheiden zich weer af. De huizen hier zijn tegen en soms gedeeltelijk in de karst gebouwd, zodat niet goed meer te duiden valt waar de natuur eindigt en de bouwkunst begint. De huts­pot van bouwstijlen ademt een vergane glorie en antiquiteit uit die de Oude Wereld suggereert.
Zo in het genre van: “Liesje S., een 12-jarig meisje uit Uienkerke, werd al maanden gepest door kwelgeestige klasgenootjes. Maar zoals ze gisteren in onze krant getuigde, besloot ze niet te verzinken in depressieve gemoedstoestanden en zelfmoordgedachten. Ze sloeg terug. En hoe!” Die opgevoerde, doorgaans verzonnen, Liesje S. moet dan bewijzen dat heel wat kids (hoeveel precies?) pestgedrag niet meer pikken. En vooral de boodschap doorgeven aan lotgenoten dat ze pestgedrag niet langer moeten en mogen pikken en lijdzaam ondergaan. De suggestie wordt gewekt van een nieuwe algemene trend, waarbij Liesje S. dus staat voor “Eén, twee, drie,…, vele Liesjes!” Een volkomen fictieve trend waarvoor ook niet het minste bewijs wordt geleverd. Het is niet meer dan een oproep, een wensdroom van de columnist-opiniemaker (of journalist tout court) dat iedereen zou moeten worden als Liesje. Een trend dus waarvan de opiniemaker zelf graag de gangmaker wil zijn (en daar uiteraard nadrukkelijk voor erkend wil worden). Terwijl de werkelijkheid hoogstwaarschijnlijk is dat gepeste kinderen juist steeds meer het pesten ondergaan zonder weerwerk te bieden en dus riskeren zich in een diep depressiesyndroom te laten wegkwijnen. Dat soort hypersentimentele oproepen en getuigenissen zouden immers compleet overbodig zijn indien weerwerk tegen pesterijen de normale of natuurlijke en meest vanzelfsprekende zaak van de wereld was. Het opvoeren van de getuigenis van Liesje wordt op deze manier boven verslaggeving of commentaar getild en neemt de manifeste allure aan van een (uitnodiging tot) “politieke interventie”. Een interventie die in het geheel niets meer met de lotgevallen van Liesje zelf van doen heeft.
Welkom op de informatieavond Rabo Clubkas Campagne Rabobank Noord en West Twente Even voorstellen NAAM Rabobank Noord en West Twente Functie 2 Wat gaan we vanavond doen? Waarom de Rabo Clubkas Campagne?
‘Ik zal je doden als de smerige hond die je bent,’ roept mijn daimaō. Hij beledigt de roodharige reus nog meer door zijn naam en afstamming niet te noemen. Honden zijn dat niet waard. Hij heft zijn zwaard.
Het informele zal afhankelijk zijn van geld en persoonlijk bezit daar het ieder verlangen van het zelf dient, terwijl het formele systeem geen aandacht zal besteden aan wie dan ook maar eenvoudigweg zal verschaffen wat nodig is om zichzelf te handhaven. Vrijheid is de keuze hebben om een dienaar van de orde te zijn of een dienaar van de vrijheid van verlangen te zijn. Noch kan de vrijheid het systeem bevechten, noch kan het systeem de vrijheid bestrijden. Ze zijn beide nodig. Het is als werken en ontspannen: het ene definiëert het andere, terwijl ieder voor zich een vorm van slavernij is. 
35. 33 schokbreker die psychologisch gezien, hapklare brokken van het pro- bleem maakt. In figuur 7 worden de bijverschijnselen weergegeven die dan kunnen optreden. In deze figuur staat ook vermeld in hoeverre deze herken- baar zijn voor de ondervraagde partners. De verschijnselen versterkte schrikreacties, verhoogde oplettendheid worden door hen het meeste herkend. Dat is niet vreemd, want er is een soort bedreiging in het leven van deze mensen bijgekomen. Figuur 7: herkenbare bijverschijnselen/symptomen Alle genoemde symptomen kunnen afgewisseld worden door neer- slachtigheid. Je zult goede en slechte dagen hebben; dagen dat herin- neringen en emoties zich opdringen, maar ook dagen dat je er niet aan
De rubriek waar ‘Jan Klaassen’ en ‘Truus ga naar Huus’ centraal staan. Dit zijn dus mensen waar U als Burgemeesterszoontje al Uw gehele leven lak aan heeft gehad en nog nooit een pink voor heeft uitgestoken.
Ik deel je vrees. Als in Duitsland de zaken escaleren denk ik dat grote groepen islamieten de Nederlandse grens oversteken. Ik ben bang dat Nederland weleens het Rwanda van Europa kan gaan worden. Maar wat valt er tegen uit te richten als de politiek te dom blijft om de stront uit ogen en oren te halen.
Only the spatial proximity of the bodies of labourers and the continuity of the experience of working together lead to the possibility of a continuous process of solidarity. Without this proximity and this continuity, the conditions for the cellularized bodies to coalesce into community do not pertain. Individual behaviours can only come together to form a substantive collective momentum when there is a continuous proximity in time, a proximity that info-labour no longer makes possible.
Slumdog Millionaire is een geweldige film. Het hele uitgangspunt van een jongen die aan de spelshow “Who Wants to be a Millionaire” meedoet en steeds de antwoorden weet door bepaalde gebeurtenissen in zijn jeugd is intrigerend en regisseur Danny Boyle weet alles op wonderbaarlijke wijze aan elkaar te breien. De film switcht tussen de spelshow en de jeugd van Jamal en laat zo zien hoe hij is opgegroeid en waarom en wanneer hij bepaalde antwoorden op vragen is tegengekomen.
A Million Little Bricks: The Unofficial Illustrated History of the Lego Phenomenon The author of The Unofficial Facebooker’s Social Survival Guide presents a nostalgic account that traces the history and legacy of LEGO from its inception in a Danish carpenter’s 1930s family workshop to its position as a market-leading, award-winning brand. Hardcove
Funny pictures about How to easily escape if you’re being held captive. Oh, and cool pics about How to easily escape if you’re being held captive. Also, How to easily escape if you’re being held captive.
‘U gaat hiervan niets rapporteren dat niet langs mij gaat. U blijft twee weken hier om ons alles te leren wat u weet. Daarna gaat u weer terug naar Yin-Ghuel tot ik u opnieuw nodig heb. En verder zwijgt u hierover. Zelfs tegen uw meerdere, Beijjun Niam.’
Mijn gps verklapte dat ik 52 kilometer ten oosten en 78 kilometer ten zuiden het huis van de familie Steiner was. Een snelle systeemcheck toonde dat ik mijn armen en hoofd weer kon bewegen. Maar mijn wielen niet. Mijn wapensystemen ook niet. Ik was via een navelstreng aange­sloten op een mobiel controle­station en dat had die systemen uitge­schakeld. Boven­dien werd mijn telecommodule niet meer gedetec­teerd.
Op het eind van mijn relaas schrijft Wauso altijd een advies: Waarde Heer Sybrand van Haersma Buma, U heeft in de 2e Kamer een controlerende functie, die U volkomen negeert. De gevolgen, de voornoemde Genocide, het interesseert U geen bal. Huichelachtige Farizeeër word het niet hoog tijd om Uw koffertje te pakken.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *