“gevechtsoverlevingsuitrusting veldoverlevingsuitrusting”

We hebben reeds gezien hoe de semi-sedentariteit samenhing met de opsplitsing van de stam in familiegemeenschappen die in eigen afzonderlijke woonplaatsen gingen vertoeven en met een verandering in de seksuele gewoontes en beleving. Hoe paarvorming zich omzette in een min of meer duurzaam huwelijk. De seksualiteit moet in den beginne relatief ongeregeld zijn geweest. Behalve een soort Westermarck-effect dat verhinderde dat zonen met hun eigen moeders paarden, was er wellicht weinig beperking op de seksualiteit. Dit betekende niet dat iedere man met iedere vrouw seksualiteit had, wel dat hij het in principe xxxkon hebben. Een vader, in de zin zoals we die nu kennen, bestond er oorspronkelijk nog niet. Alle mannen van de vorige generatie waren vaders en men had dezelfde rechten en plichten jegens hen allen. Alle vrouwen van de vorige generatie waren moeders. Alle meisjes van dezelfde generatie waren zusters, alle jongens broeders. En alle kinderen van de nakomende generatie waren zonen en dochters. Een eerste beperking trad op tussen de generaties: grootouders, ouders en kinderen huwden niet meer met elkaar. Maar ganse klassen konden dus wel met elkaar ‘huwen’, een groepshuwelijk zoals Morgan het noemde. Alle zonen konden met alle dochters paren en huwen, maar niet met hun ouders of grootouders. Waarom en hoe deze transitie van min of meer ongeregelde omgang naar een eerste invoering van de incest op basis van het generatieverschil zich heeft voorgedaan, is niet meteen duidelijk. Ze hangt zeker samen met de bevolkingstoename en de toenemende gewoonte om met nauwe verwanten samen te wonen onder één dak, afgezonderd van het dak van anderen. In eerste instantie waren dit ouders en kinderen. Wie onder een zelfde dak woonde, had geen seks met elkaar. Hier speelde dus een zeker Westermarck-effect: de mensen waarmee men vertrouwd was, wekten geen seksuele opwinding meer op. Van een echt xxxxverbod, in de zin van een wettelijke uitspraak, was nog geen sprake en er waren dan ook dikwijls uitzonderingen op de geldende regel. De 19de-eeuwse antropologie gaf nog toegang tot dit stadium van het groepshuwelijk en zelfs tot de fase waarin de geslachtelijke omgang tussen ouders en kinderen niet abnormaal was. Bancroft maakte in zijn geschiedkundig werk over de Native Races af the Pacific States nog melding van tal van inheemse Amerikaanse volkeren waarin paringen en huwelijken tussen ouders en kinderen probleemloos voorkwamen.
Geconcentreerd bleef ze staan luisteren. Het gezoem kwam al dichter­bij. Ze kneep haar ogen dicht en pro­beerde het geluid van haar bonkende hart weg te dringen. De zwotor minderde vaart. Stond hij voor het huis?
Met de zilte, rokerige smaak van Sals lippen nog op de zijne keerde Ferdi de sloep in een nauwe U-bocht naar het zuiden, richting Rotterdam. Zijn schokkende adem­haling verdronk in het gebrul van de buiten­boord­motor. De sloep trok een schuimende V in het opper­vlak van het Schie. Naar het oosten toe spatte de zon over de horizon; flarden mist speelden over de velden.
In deze precaire context konden de eerste mensengroepen zich onzes inziens weinig intra-sekse competitie en inter-sekse vijandigheid veroorloven. Het zoeken van voedsel primeerde vermoedelijk op de reproductie en in dat voedsel zoeken waren mannen relatief egalitair en vrouwen ook, en bovendien ook mannen versus vrouwen en omgekeerd. Zeker bij de jacht was rechtstreekse samenwerking onontbeerlijk. In de oorsprongssituatie was het uitgesloten dat een solitaire jager op zijn eentje buit kon binnenhalen. Het is dus mogelijk dat de vormen van competitie en agressiviteit die we bij mensapen veelal aantreffen bij de hominiden enigszins tot beduidend getemperd waren. Bovendien stelde de befaamde antropoloog en bio-archeoloog Clark Spencer Larsen vast dat het seksueel dimorfisme (de fysieke verschillen tussen mannen en vrouwen) bij onze Afrikaanse voorouders, met name bij de Australopithecus afarensis (3,8 à 2,8 miljoen jaar geleden; skeletten gevonden in Ethiopië, de bekendste is de ophefmakende Lucy), veel minder uitgesproken waren dan voorheen algemeen werd aangenomen. De mannen waren nauwelijks groter dan vrouwen (15% verschil zoals bij ons). Gering seksueel dimorfisme betekent doorgaans minder intra-seksuele competitiviteit en meer coöperatie zowel binnen als tussen de geslachten. Zoals we reeds hebben aangehaald, is er bij primaten een duidelijke correlatie tussen dimorfisme en competitie en rivaliteit tussen mannen. Groepsselectie kan dus zeker hebben gewerkt: mensengroepen waar de leden coöperatief met elkaar omgingen, hadden in de precaire situatie waarin deze groepen zich bevonden, een evolutionair voordeel op groepen die door hun competitie en interne rivaliteit een soort collectieve zelfmoord pleegden. De groepssamenwerking was nodig zowel voor de jacht als voor de bescherming tegen andere stammen of tegen roofdieren. Coöperatieve groepen hadden dus een evolutionair voordeel op groepen van zelfzuchtigen en wedijveraars. Binnen dergelijke groepen konden vrouwen voor hulp bij de kinderzorg beroep doen op omzeggens alle vrouwen, zij het vooral hun directe verwanten: mogelijk zoogden jonge moeders elkanders kinderen. Vrouwen speelden dus gemakkelijk allo-ouder voor elkanders kinderen. Dit hangt ongetwijfeld ook samen met het gegeven dat in de eerste verwantschapsstelsels omwille van de seksuele ongeregeldheid (in een eerste fase alleen incestverbod tussen de generaties, tussen ‘vader’ en ‘dochter’ en tussen ‘moeder’ en ‘zoon’ dus) alle vrouwen van eenzelfde generatie zusters waren en alle vrouwen van de oudere generatie moeders (en analoog voor mannen). Die bijna onmiddellijke verwantschap met elkaar hield ook duidelijk zekere plichten in. En de vrouwen konden ook rekenen op alle mannen, zowel directe verwanten als minder directe verwanten, voor bescherming tegen indringers, want de bedreiging van die indringers trof eigenlijk steeds het geheel van de groep. We moeten goed beseffen dat de leden van de heel eerste mensengroepen ook biologisch allen min of meer verwant waren met elkaar.
Er zijn een aantal overlevingskits op de markt die klaar voor gebruik zijn. En veel van die kits zijn zeer goed bedacht, spijtig genoeg is er ook een deel die een puur commercieel doeleinde hebben. Het onderscheid tussen deze kits maken is niet altijd evident. Nochtans vind ik het interessant om deze toch even in detail te bekijken om ideeën op te doen voor je eigen kit. Experten hebben dikwijls lang nagedacht over welke onderdelen toe te voegen in overlevingskits. Hun kennis over het onderwerp mag dus zeker niet verwaarloosd worden. Er bestaat een Amerikaanse site: http://www.equipped.com dat een overzicht geeft van een groot aantal commerciële kits die er wereldwijd bestaan.
Er zijn ook kinderen, jammer genoeg, die een onaangename indruk maken: kijken me vanaf de eerste keer aan met een blik voor weerzin of angst en werken dan niet mee. Als een kind krijst kun je nog goed naar de longen luisteren, maar de buik beoordelen bij een kind dat tegenstribbelt en tekeer gaat is soms onbegonnen werk. Dan komt er in de status “not able to co-operate” te staan. En dan doe ik de volgende keer het onderzoek nog eens.
Columnisten hangen hun stichtelijke opinie tegenwoordig graag op aan een sprekende anekdote die welgericht mikt op de sentimentele weekheid van onze harten. Een getuigenis van een concreet mensje (inderdaad, liefst een kind!), een beeldig wezen van vlees en bloed, en met, niet te vergeten, een hippe voornaam én een foto.
‘Ben je niet bang dat ze je alsnog vinden en van de aarde halen?’ vroeg Ferry. Hij wierp een hooghartige blik richting zijn BBC collega. ‘Ik heb gehoord dat de veegtroepen hun scanners op jouw bio-signaal hebben afgestemd zodat ze een nog groter bereik hebben.’
Survival combat kit doos waterproof.Inhoud:verbandzaag lucifers firestarterkompaspotloodwaxine kaartdraadwatten condoom (waterzak)zoutvishaakjesnaaisetjepaperclipsscheermesjeBinnen één dag geleverdKom ook eens langs in onze winkel in Kampen, Burgwalstraat 16
De verticale as van inspiratie en energiestroom met de Bron en de kern van de Aarde stroomt wel met je Wezenskern en kan je werkelijk voeden. Dan is er energie genoeg. De verticale energiestroom van de Bron en de kern van de Aarde kan via de mens het horizontale vlak in stromen, de organisatie van het grotere geheel in. In iedere cel en in ieder orgaan vindt er dan een bevruchting plaats die doorwerkt naar de omgeving en van de omgeving terug naar de mens. Iedereen en alles profiteert ervan. Het oeroude symbool van het gelijkbenige kruis van creatie wordt dan volledig benut.
Even later stond hij naast haar. Hij knielde bij Sterre neer en pakte haar hand. Met grote ogen keek hij naar de bloedvlekken op haar jeans. ‘Heb je geprobeerd… Was jij voor de trein gesprongen? Lieverd, ik…’
De vrijwel unanieme conclusie van de intellectuele oefening van deskundige sociologen, journalisten en politici luidde: ‘Elke gemeenschap heeft zijn rotte appels!’. Doorheen de hele affaire rond de mp3-roofmoord en zeker erna, toen bleek dat de daders Polen waren en geen kutmarokkaantjes, klonk deze stelling kritiekloos in de hele mediawereld: van het zich als progressief aandienende maar eigenlijk ‘onafhankelijke’ De Morgen tot De Standaard en de meer populistische Het Laatste Nieuws tot op radio en tv. De commentaren getuigen niet alleen van een criminalisering van de leefcultuur van de ‘rotte appels’, maar ook van een psychologisering en een psychiatrisering van de ‘harde kern’ van boefjes en kruimeldieven. De ‘rotte appels’ of de leden van de ‘harde kern’ zouden zich kenmerken door een specifieke psychopathologische antisociale persoonlijkheidsstructuur waardoor ze binnen hun bredere gemeenschap moeten kunnen geïsoleerd worden. ‘Harde kern’ is echter een term die te pas en te onpas wordt gebruikt zonder dat er overeenstemming is over wat daar eigenlijk precies mee wordt bedoeld of over waar de ‘kern’ eindigt en de ‘periferie’ begint. Je hebt een harde kern (rotte appels dus) bij de werklozen, maar ook bij voetbalhooligans en bij allochtone herrieschoppers wanneer b.v. een ‘rasgenoot’ op een verdachte manier of duidelijk als gevolg van een racistische daad is overleden (b.v. bij de rellen en brandstichtingen tijdens de revolte in de Parijse banlieue eind oktober, begin november 2005). De term ‘harde kern’ wordt internationaal gebruikt (‘hard core’, ‘noyau dur’ of ‘noeud dur’, ‘harte Kern’). Is deze psychologisering en psychiatrisering verantwoord of is het niet meer dan een nieuwe theoretische en praktische verschuiving van het probleem?
De biologie is sterk. Zeer vaak wordt de hele kultuur vergeten bij het van de mooie ogen van het andere geslacht. Met de vlinders in de buik en de geest in vervoering raakt men verliefd en wil men altijd samen zijn en het samen maken. Hoewel veel van de kultuur kan worden vergeten, kunnen de vrienden, de familie en de religie niet over het hoofd worden gezien. Hoewel de liefdes-affaire een tegenwicht schijnt te vormen voor de sociale druk van de familie, vrienden en religie is het niet echt een uitweg. Men bereikt een andere familie, een andere vriendschap en een andere religie beseffend dat de appel niet zo ver van de boom valt. Niet zelden keert de revolutie terug naar de positie waartegen men in opstand kwam. In zijn geheel is de evolutie een pijnlijk proces van het door de vereisten van de tijd druk uitoefenen op de materie. Natuurlijkerwijze zal er in één generatie niet veel veranderen. Nieuwe wijn in oude vaten, de geschiedenis herhaalt zichzelf met andere gezichten, een andere constellatie aan dezelfde sterrenhemel. Dat is de realiteit en derhalve is het verstandig zorg te dragen voor de religie, de familie en de vrienden van de partner waar men verliefd op is. Het is niet altijd gezegd dat hetzelfde ook zou aansluiten. Ook tegenstellingen kunnen aantrekkelijk zijn en genetisch zelfs een sterkere uitkomst hebben. Zo balanceert men tussen de continentie van de kultuur en een gezond alternatief om de vitaliteit te behouden. 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *