“ultralicht overlevingsuitrusting win overlevingsuitrusting”

Een schraal zonnetje kwam net boven de horizon uit en verlichtte de uitgestrekte moerassen van de Peel. Harrald werd wakker en bekeek vanuit zijn tent hoe het oranje licht speelde over begroeide heuveltjes. Boompjes wierpen oneindig lange schaduwen over poelen vol kroos en riet.
Er waren totaal geen rangverschillen in het Brusselse KultuurKaffee, doorgaans KK (kaakaa) genoemd. Je rang, stand of klasse viel weg als je de drempel van het KK overschreed. Werkliedenpersoneel, bedienden, studenten, assistenten/vorsers, docenten/proffen, oud-studenten, Brusselse jongeren zonder rechtstreekse band met de Universiteit: alles dooreen. Als je iemand niet persoonlijk kende, wist je nooit wat zijn/haar “status” was. Modieuze kledij zat er naast vodden. Aan de toog stond jan en alleman te discussiëren over de actualiteit, publieke aangelegenheden, “wetenschap”, “filosofie”, enzovoort, maar zelden over privézaken. Of je zat of stond er op je eentje te dromen en te filosoferen. Idem op het eigenlijk lelijk maar juist daarom zo prachtig nonchalant terras. Er zaten ook geen koppeltjes elkaar af te likken. Het WC was constant bezet. Als een muziekbandje optrad of als er een fuif was, kon je aan de toog toch blijven doorpraten. Hoe ze dat akoestisch geflikt hebben, is me een raadsel, maar destijds stond niemand erbij stil. Meisjes en jongens, ik mag er niet aan terugdenken.
Nu, waar heb ik me precies door laten verleiden? Het betreft een titel op de site van De Standaard: “Zo zien de Vlaamse jongeren het ideale vrouwen- en mannenlichaam.” De titel wekt de suggestie dat het artikel verslag geeft van een onderzoek bij een grootschalige representatieve steekproef van minstens 1.000 jongeren, al is deze grootschaligheid geenszins een garantie voor wat in het jargon betrouwbaarheid en validiteit heet. Vergeet het, Gerard!
Als je denkt dat je als Indo gitarist het wel effe doet, dan bega je een enorme blunder, want dit circuit vergt wel effe een ander manier van spelen. Techniek heeft weinig te maken met het inleven in de soort van muziek. Je kunt het afraffelen, maar het spelen zoals het eigenlijk structuur is, dat valt tegen. De rockabilly muziekstijl vergt effe een andere aanpak en solostijl.
Uiteraard wil ik niet insinueren dat alle misdaden gelinkt zijn aan sociale ongelijkheid: kruimeldiefstallen kunnen veelal in verband worden gebracht met de sociale levensvoorwaarden van de delinquenten, maar bij zaken als een passionele moord ligt dit al veel minder voor de hand. Meer fundamenteel is de kwestie of sociaal-economische achterstand als een excuus kan gelden voor het plegen van misdaden. In psychoanalytische termen gesteld: vervalt de ‘wet van de vader’ (de tien geboden, de universele mensenrechten, enz.) voor mensen die van kleins af in miserie en ellende moeten opgroeien? Hebben zij het recht een ander fysiek te kwetsen en desnoods te doden omdat zij niet in de eigen basisbehoeften kunnen voldoen? Wij moeten wel vaststellen dat deze mensen dikwijls de facto dat recht nemen. Althans sommigen eigenen zich dat recht toe. Dat moeten dan de ‘rotte appels’ zijn.
In die jaren van de Belle Époque is het voor de leden van de bovenlaag een must om te lijden aan een of andere zenuw- of geestesziekte. Vooral dan bij jongvolwassenen. Mannen schepen zichzelf op met neurasthenie, vrouwen met melancholie, een zenuwinzinking of een onduidelijke “hysterie”. Ook nymfomanie is aardig meegenomen. Dit soort ziekten geldt als een privilege, als een erezaak en als een bewijs van hogere sociale status. Wie voor zijn overleving moet werken of afhankelijk is van liefdadigheid kan zich geen dergelijke ziekten veroorloven. Neurasthenie e.d. fungeren dus als een manifest teken dat je je het, dankzij geërfde rijkdommen, kan permitteren in het geheel niets te doen. De Belle Epoque zijn ook de hoogdagen van allerhande alcohol- en drugverslavingen: van absint tot opium en cocaïne. Zonen en dochters van geboren rijkelui doen er alles aan om zich artistiek en intellectueel voor te doen (“dandyisme”). Zij brengen graag hun door in de brede marge van de artistieke en intellectuele avant-garde, die net tijdens de periode van de Belle Epoque haar hoogtepunt bereikt.
Ten tijde van oorlog en ziekte stort alles in: menselijk vertoog, socialisatie, huwelijk, sociale zekerheid en het maken van afspraken kan allemaal gefaald hebben. Dit vormt een enorme breuk in het vertrouwen. Alles was gebaseerd op de vrede en kontinentie van het luisteren naar elkaar, samen zijn,getrouwd zijn, sociaal zeker zijn in een aangename dagelijkse orde. Opnieuw beginnen is onvermijdelijk na mislukking. Het leven moet worden geleefd wat de mislukking ook is. Niettemin zal er de nodige aandacht zijn over wat de oorzaak van de mislukking zou zijn geweest. Misschien teveel sex ondanks het huwelijk? Misschien te bang om uit te gaan en onder vreemden te verkeren? Misschien teveel vooroordelen tegen alternatieve levensgewoonten en opvattingen? Misschien te weinig respekt voor de sociale zekerheid? Misschien werd de verkeerd soort van tijd gerespekteerd? Van iedere mislukking gaat er druk uit een juist antwoord te vinden op deze vragen. Alleen met een zekere conclusie van berouw kan men opnieuw beginnen en het weer proberen. Hiertegen vechten is hetzelfde als vechten tegen ervaring en evolutie vechten. De mens is een evolutionair proces omdat het een brein ontwikkelde en het succesvol zal blijven niet het gebruik van dat vermogen tot aanpassing ontkennende. Vertrouwen zal voortkomen uit het zich bedachtzaam gelijkrichten met de orde van het ware zelf, in gedachten houdend dat vergeetachtig en repressief zijn gelijk staat aan het verloren hebben van (het zicht op) die goddelijkheid (afb.). 
‘Ze gebruiken hun prooi ook als lokaas,’ zei Heinrich. ‘Als ze hun hoofd niet met valse hoop vullen.’ Hij wees naar de koepel, naar een klein torentje op de top. ‘Daar bovenin. Daar moeten we heen. Ik ken een veilige weg.’
Dit doen ze al zo lang ik hier ben. Het schijnt dat een halve eeuw blank bezoek de mensen hier heeft gestijfd in de opvatting dat alles hier kan worden verkregen door er luid en duidelijk en herhaaldelijk om te vragen of door het gewoonweg op te eisen. Er staat niets tegenover als je een cadeautje krijgt. Je kan er een poosje later gewoon weer om een vragen. Het cadeautje verplicht verder tot niets.
(1) Wat bv. iTunes in zijn “store” vraagt voor muziek is pure winst. Ze zou de muziek in principe volledig gratis kunnen ter beschikking stellen. Als ik het goed heb, is dit één der voornaamste programmapunten van de sinds een paar jaar opererende Piratenpartij.
Wat betreft het ontmoeten van de ander voor een duurzame relatie zal gewoonlijk afspreken in stadium acht het beste werken daar het mensen verenigt in een gemeenschappelijk begrip. Ook is zo duidelijk dat slecht ontwikkeld zijn in de vroegere stadia het afspreken minder succesvol zal maken. Eerst de zaken en dan het meisje zal altijd beter zijn. De klassieke held bevrijdt de gevangen vrouwe of verstoorde wereld. Dit is hoe mensen elkaar respekteren: door de kwaliteit van de dienst aan het ware. Hiertoe wordt men gevormd door de beproeving van de afwijzing. 
‘Herinneringen. Ik moest denken aan mijn tijd met mijn engel. Hij vulde mijn hoofd met leugens en valse hoop. Hij zou me helpen te ontsnappen, als ik maar naar hem luisterde. Al die tijd zoog hij me langzaam leeg als een soort overmaatse teek. En hij gebruikte me om anderen te lokken. Het duurde lang voor ik het doorhad.’
Het belangrijkste was dat niet was voorzien dat de genen van de homo sapiens nog steeds de dierlijke eigenschappen in zich meedragen en dat het bij de muteringen gewoon is doorgegeven van geslacht naar geslacht en mutatie naar mutatie.
‘Niets. Ik denk gewoon dat het veiliger is om een tijdje weg te blijven uit de tunnels. De kans om gepakt te worden is er te groot. Zeker nu een seriemoordenaar de stad onveilig maakt. De flikken zijn alert.’
Uiteraard heeft iedereen het recht naar de zee te kijken om zich ondergaande zonnen en aan- en afvarende schepen voor te stellen. Maar om een beleving van het “oceanisch gevoel” te ervaren dat romantici sinds een paar eeuwen in de hoogste vervoering weet te brengen, hoef je in geen enkel opzicht de trein naar zee te nemen, de marathon van New York te lopen, bovenop de Mount Everest te gaan staan of op de rug van een kameel door de Sahara te reizen. Dat zijn allemaal, wanneer we ze in geld zouden uitdrukken, maar peperduur betaalde belevingen. Al die hobby’s zeggen veeleer iets over de kleinwereldse kringen waartoe je behoort dan over de aard van de opgedane ervaring zelf. Kortom: heb je dan de oneindigheid niet aanschouwd, je hebt toch aan status gewonnen, je kunt je Facebook vol plakken met foto’s vol landschappen die je fier en onder huichelachtig applaus “onmetelijk” kunt noemen, maar waar eigenlijk geen kat langer naar lijkt dan naar haar eigen schaduw. Misschien kom je zelfs op tv, mag je figureren in reclamespotjes van Thomas Cook of Neckermann.
Helga keek hem na en alles was perfect: de vorm van zijn oren, de manier waarop hij voorbij de tafeltjes stampte, zelfs zijn gebalde vuisten. Het beeld etste zich in haar brein, onvergetelijk, eindeloos kostbaar. Maar ze bleef staan, rende hem niet achterna. Helga was een Buiten­dijkse en een kwallendregster trouwen met de zoon van een dijkgraaf? Dat was het soort sprookje waarin zelfs kleuters niet konden geloven.
B a s i s s c h o o l D e R e g e n b o o g s e p t e m b e r 1 5 D R U P P E L S G E W I J S 1 5 m e i 2 0 1 1 KALENDER 07-09 hoofdluiscontrole 07-09 informatieavond groep 7 08-09 informatieavond groep
Dit is een regel voor de levenshouding. Het betekent dat iedereen van alles en nog wat kan doen daar men van buiten niet kan zien wat voor principe aan de binnenkant werkzaam is. Een crimineel persoon kan een agent in burger zijn, terwijl een geesteszieke een wetenschapper kan zijn die de psychologie in participerende observatie bestudeert. Beslissend is de houding van bereidheid de materiële doelstelling op te geven ter wille van het principe. Alle grote religies zijn gebaseerd op deze regel: de zondaars gaan door met zondigen, en de gevallenen gaan door met vallen, zolang de Heer genadig is alle soorten en variaties te vergeven die aldus naar de banken der boete worden geleid. Eén betreurde zwakheid is zo meer waard dan een ontkend vermogen(afb.). Deze regel is eveneens de geheime formule voor vooruitgang in het algemeen (afb.), zowel materIëel als geestelijk. Bereid het materiële op te geven, wordt het materiële meer recht gedaan er nog steeds mee omgaande, terwijl het inwisselen van het vruchtdragende motief voor het motief van het onderhouden van de ziel ook de verborgen bronnen der intelligentie onthult. 

One Reply to ““ultralicht overlevingsuitrusting win overlevingsuitrusting””

  1. De middagen kon ik op de poli kon ik de ogen amper open houden. Bij het schrijven van een routine recept voor ijzertabletten en vitamines viel soms de pen even stil; de laatste letters waren steeds kleiner geworden en het eindigde met zomaar een doelloos haaltje; daarna kon ik weer verder schrijven. Een paar recepten later had ik halverwege een regel de indruk dat het papier overging in een stuk strakgespannen vruchtvlies zoals wanneer je van kauwgom een grote bel hebt geblazen. Ik vroeg me al even af of ik langs de bovenkant of langs de onderkant van dat vruchtvlies verder moest schrijven, totdat ik me realiseerde dat ik bezig was in slaap te vallen. Ook moest ik af en toe bij iemand de pols tellen. Dat is vijftien seconden tellen, dan x 4 en dan heb je de polsslag per minuut. Bij één patiënt moest ik tot vier keer opnieuw tellen omdat ik binnen de vijftien seconden de tel was kwijtgeraakt. Gelukkig gaat het dat om routinerecepten en routinehandelingen en ik hoop maar dat de patiënt, bij wie ik zolang met een ernstig gezicht de pols telde met de ogen dicht, heeft gedacht dat ik het allemaal erg aandachtig en zorgvuldig deed.
    ‘We kunnen het proberen,’ zei Heinrich, maar zijn gelaatsuitdrukking zei anders. Hij trok zich omhoog het gat in. Even later zag Sterre zijn arm naar beneden strekken. Ze nam zijn hand vast en hij trok haar omhoog.
    Terug naar het paleolithicum. De personalisering stoelt op haar tegengestelde, de reïficatie of verzakelijkte verzelfstandiging van de gemeenschap tot een beginvorm van de Maatschappij of de Staat. Het individu kan door de gemeenschap beoordeeld en ook veroordeeld worden. Hij kan worden terechtgewezen en wanneer zijn handelen de samenleving ontwricht uitgestoten worden. In de eerste mensengemeenschappen zonder bezit, zonder vaste huwelijksrelaties kon niet zoveel mislopen. Met het voedsel van een ander gaan lopen werd vermoedelijk op algemene afkeuring onthaald. Mogelijk bestond er geen verbod op kindermoord als de moeder aanvoelde dat de pasgeborene niet levensvatbaar was. Het waren hoe dan ook zaken die het samenleven niet ontwrichtten. Wat wel tot consternatie leidde waren uitbarstingen van agressie en woede tegenover een stamgenoot: een hoog oplopend handgemeen tussen mannen, scheldpartijen tussen vrouwen of een verkrachting van een vrouw door een brutale man. In dat geval lieten de groepsleden of een deel ervan (b.v. alleen de vrouwen) luid hun afkeer blijken. En wat tot ontwrichting leidde (naast externe catastrofes zoals natuurrampen) was in het bijzonder de (in warmen bloede) gepleegde moord op een evenmens, zeker wanneer het slachtoffer een directe bloedverwant betrof. Verbijstering en verwarring alom (‘bijster’ komt van een Indogermaanse wortel ‘bhei’ = beven, wild rondlopen; ‘war’, ‘verwarring’ vinden we terug in het Engelse ‘war’ en het Franse ‘guerre’, die beide ‘oorlog’ betekenen: immers oorspronkelijk trok men niet in gespreide slagorde maar in complete ‘verwarring’ de vijand tegemoet). En in die luidkeels geuite verwarring werd de moordenaar ofwel verjaagd ofwel dood getrappeld. Daarover werd niet van gedachten gewisseld. De verjaagde of vertrappelde moordenaar werd ‘vogelvrij’ verklaard: zijn lijk mocht niet begraven worden en werd overgelaten aan de vogels. Hij was in de termen van Giorgio Agamben de voorloper van de Romeinse homo sacer, de Germaanse weerwolf, de rechteloze mens die gedood mocht worden zonder dat er van moord sprake was én tegelijk niet mocht geofferd worden (en dus ook niet ceremonieel begraven mocht worden). De Bijbel vertelt ons hoe Kaïn na de moord op zijn broer Abel (de eerste moord uit ’s mensen geschiedenis; Kaïn sloeg Abel dood omdat Jehovah meer oog had voor Abels offer als schaapherder dan voor het zijne als landbouwer) het land moet verlaten: ‘En nu zijt gij vervloekt en verbannen van de aardbodem, die zijn mond heeft geopend om het bloed van uw broer uit uw hand te ontvangen. (…) Een zwerveling en een vluchteling zult gij worden op de aarde’ (Genesis 4:11-12). Waarop Kaïn klaagt: ‘… en ik zal voor uw aangezicht verborgen zijn; en ik moet een zwerveling en vluchteling worden op de aarde, en het is wel zeker dat een ieder die mij vindt, mij zal doden.’ (Gen. 4:14). Jehovah bracht daarop het zogenaamde Kaïnsteken aan op Kaïns voorhoofd ‘opdat verhinderd werd dat iemand die hem vond, hem zou doodslaan’ (Gen. 4:15). God verjaagt dus Kaïn maar vermijdt dat die zelf ter dood zou worden gebracht. Straf (verbanning) en vergiffenis komen hier dus al samen. We zouden tegenwoordig stellen dat God verzachtende omstandigheden in acht heeft genomen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *