“survival buitenuitrusting nieuw overlevingsuitrusting 2018”

” Ik laat m nooit uit in drukke gebieden, en hij zit altijd vast, hoop nooit een heftig gevecht mee te maken, de enige keren dat Buddha heeft gevochten was als er lopslopende honden bij ons kwamen buurten ”
51. 49 druk sociaal leven, in hobby’s, in een carrière of in buitenechtelijke relaties. De reden om niet uit elkaar te gaan ligt altijd elders en vaak niet in de waarde van de partner: de kinderen hebben jullie nodig, je wilt je eigen sociale positie niet kwijtraken of de financiële consequen- ties zijn te groot. Als je altijd hebt geleerd om vooral voor jezelf te zorgen, gaat dit vaak ten koste van de verbondenheid met de ander. Je hebt geleerd terug te grijpen op het stellen van grenzen, wat ten koste kan gaan van je partner: ‘Het is zijn probleem niet dat van mij!’ Zulke partners hebben over het algemeen veel eigenwaarde, maar ze zorgen meer voor zich- zelf dan voor de ander en staan minder toe dat hun eigenwaarde wordt aangetast. Evenwichtig gezin (+A, +Z): Als kind heb je ervaren dat je ouders res- pect hadden voor je eigen wensen en behoeften. Ze lieten dat merken door zowel het stellen van grenzen als het geven van vrijheid om je eigen gang te gaan. Vertaald naar de partnerrelatie is er sprake van een evenwichtige relatie, waarin partners in staat zijn zowel negatieve als positieve ge- voelens uit te wisselen om zowel de eigen identiteit als de kwaliteit van de relatie in stand te houden. Er is sprake van een wederkerigheid, waarbij elk evengoed voor zichzelf als voor de ander zorgt. In een dergelijke relatie zal de crisis wel aankomen, maar je weet daar- in voor jezelf te zorgen door je grenzen aan te geven zonder dat deze ten koste gaan van de ander. Het zien van je man als slachtoffer in plaats van alleen als dader zal gemakkelijker zijn: als hij zijn probleem onderkent en ermee aan de slag gaat, leer je de behoefte van je part- ner zien. Het feit dat je goed voor jezelf zorgt, houdt je hierbij staande,
VAN ZOGGEL CATERING CREATIEF & COMPLEET 2013 2014 Uniek, Gastvrij & Ambachtelijk Warm en koud buffet Complete feestverzorging Vers vlees Brunches Party-service Barbecue Walking diner Gourmet Fondue Echte
Wees klaar voor alles met deze draagbare meerdere gereedschappen. Of u nu thuis bent of op de weg, in de bossen kampt of op het meer kunt vissen, de Compact kan u helpen om u veilig en klaar te houden voor alles wat u opkomt.
En hoewel ik de gebogen glazen wanden en micro­manipulators de hermetische cabine herken, lijkt mijn zicht onscherp, alsof ik door een soepige mist kijk. Een duizeling overvalt me, die nog verdubbelt als ik me realiseer dat het bodemloze gevoel geen maag heeft om zich in op te houden.
Naar het idee van de sport is hetzelfde waar: men moet een overeenkomst hebben over regels die de juiste bemiddeling vertegenwoordigen tussen de ziel (eeuwige waarden,) en de materiële natuur (de regels van het spel). Zonder het eerste zal het ego vervalsen en zal de sport een neergang inhouden. Dus moeten de regels op één of andere manier de eeuwige waarden weerspiegelen. Het idee van het vormen van een team moet voorafgaan aan het spel, zoals iedereen weet. Het spel kan eruit bestaan dat men samenwerkt of oppositie voert, maar om te beginnen moet men één zijn. Om het voorbeeld van het voetbal te nemen: men zou allemaal goede voetballers moeten zijn, maar voor een spel moeten de teams daaraan voorafgaande worden samengesteld, niet lang van te voren zijn gefixeerd als een ego van oppositie. Een andere regel van gelijkheid is dat de reserve een gelijke kans van spelen moet hebben. Zo kan men b.v. met 32 spelers zich vlak voor het spel opsplitsen in twee teams , zeg maar rood en blauw uitgedrukt in armbanden en/of zweetbanden, terwijl ieder willekeurig gekozen team in tweeën zou moeten worden gedeeld met elf spelers en vijf reserves, terwijl de regel van het spel kan zijn dat een ieder die de bal uit het veld speelt moet worden vervangen door een reserve. Op die manier heeft iedereen een gelijke kans om te spelen terwijl de motivatie om de bal in het spel te houden ook versterkt is. Op deze manier kan geen valsheid van ego de teamspirit bederven terwijl iedereen een kans heeft zijn vaardigheid om de bal in het veld te houden kan bewijzen. De mensen komen dan ook voor een goede wedstrijd met goede spelers en niet zo zeer voor dit of dat team.  
Een ander kneepje van het vak is het behouden van de veelzijdigheid van het lichaam. Normaal gesproken ontwikkelt men als ieder dier in het bos een levenswandel waarbij men alleen maar deze spier traint of die houding aanneemt. In feite staat een belangrijk deel van de menselijke integriteit bekend als een soort van kramp die de spieren strak trekt in de nek en onder in de rug als het individu is gehecht aan aan dit soort van “muziek’ of die soort van ‘menselijkheid’. Bevrijding betekent dat het geheel van het fysieke apparaat onderworpen is aan de filognosie van het zich gelijkrichten op de ziel die de dynamiek van het menselijk motief en de vitaliteit van de sociale carrière reguleert. Noch verkrampen naar je huwelijk noch verkrampen naar je sport, noch verkrampen naar je hobby’s of bezittingen van welke aard dan ook zal de bevrijding brengen. Alleen een bewuste bekentenis tot de sociale en individuele werkelijkheid van ware vooruitgang en emancipatie zal verlichting brengen. Het betekent praktisch simpelweg dat een grootvader ook de zaak in een discotheek mag natrekken zo nu dan, dat vrouwen ook samen mogen komen voor het voetbal of iets anders mannelijks, dat mannen ook de stofzuiger mogen hanteren en zo nu en dan mogen koken. Dit nuchtere begrip van emancipatie is niet een vaag idealistisch concept, maar een zuivere fysieke behoefte aan diversiteit. Sexuele variaties b.v. zijn niet een soort van perversie tussen geliefden die bang zijn verveeld te raken, maar vormen een strategie van bevrijding waar alle fysieke verkrampingen worden overwonnen door energetische vermenging.
3. Inhoudsopgave 1. Inleiding……………………………………………………………………… 3 2. De enquête…………………………………………………………………. 6 3. Wanneer is mijn partner seksverslaafd?…………………………. 8 4. De invloed van seksverslaving op de partner ………………… 27 5. Op weg naar herstel…………………………………………………… 51 6. Hoe werk je als therapeut aan herstel in de partnerrelatie? ………………………………………………………….. 65 7. Conclusie ………………………………………………………………….. 76 8. Referenties……………………………………………………………….. 79 Bijlage 1 enquête……………………………………………………………… 81 Bijlage 2 definities van de termseksverslaving ingevuld door de partner……………………………………………………………………….. 87 Bijlage 3 proces van herstel van vertrouwen………………………..91
Een stapel boeken lag op een stalen tafel, naast een zwart rechthoekig object dat even lang was als haar hand. Meyago bevroor. Het was echt! Kostbaarder dan goud. Hebzucht vlamde op in haar hart, in haar buik. Jaloezie greep haar bij haar keel. Een jaloezie waar­voor ze moorden kon plegen.
Ik heb mijn eigen doosjes instrumenten voor bevallingen set voor set gemerkt met steeds een andere kleur officiële tape. Uit alle setjes zijn dingen weg, die liggen dubbel te zijn in een ander doosje. Na gebruik wordt instrumentarium in bleekwater gelegd om de HIV virussen te doden, daarna worden de instrumenten weer in doosjes gedaan en naar de sterilisatieafdeling gebracht, maar ondanks de verschillende kleurtjes tape dus niet in het goede doosje. Dit werk wordt blijkbaar uitbesteed aan iemand die nog maar net uit het ei is. De midwives vinden het geen probleem dat de setjes onvolledig zijn. Ik laat hier één setje achter en neem de rest weer mee naar mijn spreekkamer. Misschien probeer ik het over een jaar nog eens weer.
De mensen applaudisseerden toen een meisje op het balkon stapte. Samuel herkende Ilse meteen. Net als alle kinderen die aan de ceremonie deelnamen, droeg ze zelfgemaakte kleding en versieringen, gebaseerd op haar vorige leven, of wat ze er zich op dit moment al van kon herinne­ren.
Van 1) tot 4) neemt de gradatie van ‘heropvoedbaarheid’ toe: de kans dus dat van de misdadiger een niet-misdadiger kan worden gemaakt. Bij positie 3) en 4) heeft ofwel het individu ofwel de ‘maatschappij’ als een reeks ervaringen die een individu meemaakt of ondergaat, vat op de maakbaarheid van mens en samenleving. Het ‘humanistische’ individu kan zichzelf in handen nemen, het ‘marxistische’ individu kan in een maatschappelijke situatie worden geplaatst waar misdaad geen zinvol perspectief is en het criminele motief wegvalt (in het algemeen: door het sleutelen aan sociale ongelijkheden en wantoestanden). Opgemerkt moet worden dat in het ‘marxistisch’ standpunt de persoon en zijn lijfelijkheid deel uitmaken van de krachten die vorm geven aan de persoonlijkheid, maar het probleem blijft dat vooraleer maatschappelijke veranderingen en hervormingen effect sorteren, er op korte termijn ‘iets’ moet gebeuren met de probleemgevallen die de veiligheid en de integriteit van anderen bedreigen. Bij het ‘psychoanalytische’ individu ligt de basisstructuur van de persoonlijkheid bij tieners al vast: de ontwikkelingsgeschiedenis van het kind resulteerde reeds in een basismoulure, een neurotische, psychotische of perverte basisstructuur van in het leven staan en omgaan met anderen. Die basisstructuur kan nog nauwelijks bijgestuurd worden, maar een verschuiving van positie op de zogenaamd ‘aktual-psychopathologische’ as blijft mogelijk: van acting-out naar symbolisatie (b.v. in het spreken in de psychoanalytische kuur) en/of sublimatie. Die verschuiving kan ook gerealiseerd worden via politieke of maatschappelijke actie, m.a.w. door politieke maatregelen die de levenskwaliteit van de jeugddelinquent en van de jongeren (en meer in het algemeen de mensen) die in gelijkaardige sociaal-economische condities leven, gevoelig verbeteren. Het ‘neurobiopsychologische’ individu is het minst soepel: in de mate dat zijn genoom zijn fenotype (en dus zijn gedrag) determineert, is hij als dusdanig amper beïnvloedbaar door sociale en pedagogische maatregelen. Bij het ‘neurobiopsychologische’ individu is er in wezen een strikte theoretische scheiding tussen genetische bepaaldheid en omgevingsinvloeden, hoezeer men ook de mond vol heeft over interactie tussen beide.
We kunnen moeilijk diep ingaan op de vraag welke genetische structuur de eerste mensen natuurlijkerwijs hebben geërfd en welke ze eventueel nieuw zouden hebben gevormd als aanpassing aan het nieuwe leven buiten de wouden. We weten immers niet waar de mens evolutionair precies vandaan komt. We kunnen enkel aangeven welke elementen (met als meest in het oog springende rechtop staan, werktuigen maken, grotere hersenen en taal) zelf zijn ontstaan als een complex proces van interactie tussen die natuur en de noodwendigheid van de arbeid die in de nieuwe leefomstandigheden vereist of aangewezen was. We kunnen niet zomaar vertrekken van de gedragsgewoontes van de huidige chimpansees en bonobo’s (dwergchimpansees) die genetisch het meest met ons zijn verwant. Het genoom van de chimpansee, zo is in 2005 via het Human Genome Project gebleken, komt voor 98.7% overeen met dat van de mens. Dat lijkt enorm veel, maar toch betekent dit ruwweg 40 miljoen afzonderlijke mutaties die zich bij de mens hebben moeten laten selecteren in ruwweg 300.000 generaties. Het merendeel van die mutaties zou echter veroorzaakt zijn door neutrale of willekeurige ‘genetische drift’, junk DNA dus. Mens en chimpansee gelijken 60 maal meer op elkaar dan mens en muis, tien keer meer dan mens en rat. Twee mensen lijken tien keer meer op elkaar dan mens en chimpansee. Twee mensen hebben 0.1% verschillend genoom, i.e. 3 miljoen verschillen (het DNA dat geen gen is en niet voor eiwit codeert, meegerekend; zoals gezegd is slechts 5% van het DNA echt ook gen, de functie van de rest is onduidelijk). Toch zien we veel verschil tussen twee mensen. Ook slechts 0.1 % van de hondengenen zou verantwoordelijk zijn voor het ganse bonte gezelschap van de hondenrassen. Dit betekent dat de 98.7% genetische verwantschap tussen mens en chimpansee ruimte laat voor enorme verschillen, zeker in het sociaal gedrag (we mogen er immers van uitgaan dat hart, longen, enz. bij de chimpansee ongeveer functioneren zoals bij ons). Kortom, de genetische verwantschap tussen mens en chimpansee of andere mensapen vormt op zichzelf dus geen argument om deze als vertrekpunt te nemen voor de evolutie of de geschiedenis van de mens. En daarbij moeten we ook nog bedenken dat mens en chimpansee al ongeveer 10 miljoen jaar uit elkaar zijn gegroeid, dus vroeger moeten ze wel meer genetische gelijkenis hebben vertoond. De vraag is dan hoeveel de huidige chimpansee genetisch verschilt van de oorsprongschimpansee. Opmerkelijk in de onderzoeken van het Human Genome Project is ook dat de verschillen binnen populaties groter zijn dan deze tussen populaties. De onderlinge verschillen lopen het hoogst op bij de oudste bosbewoners in Afrika: dat geeft mogelijk aan dat bij het begin van de evolutie mutaties een sterke rol speelden maar dat in een latere fase nieuwe mutaties uitgeselecteerd werden. Heeft cultuur de zaak overgenomen in die mate dat nieuwe mutaties een geringere rol speelden? Doen zich tegenwoordig minder mutaties voor? Of is er een feedback-systeem aan het werk bij het ontstaan van zogenaamde ‘toevallige’ mutaties? Daarbij zou dan in een crisisperiode, zoals het ontstaan van de mens er zeker één was, een soort interactie opgetreden kunnen zijn tussen genetische structuur en ‘omgeving’, zodat we daar nog de sporen van terugvinden bij die Afrikaanse bosbewoners.

One Reply to ““survival buitenuitrusting nieuw overlevingsuitrusting 2018””

  1. Dat is ook wel eens makkelijk. Er zijn in het begin heel wat mensen geweest die tegen mij gezegd hebben: “Ik kom vanavond bij u langs”, ook al zat ik daar niet om te springen. Die mensen zijn vrijwel nooit komen opdagen.
    Visueel aardig, maar niet heel erg opzienbarend. Ook de soundtrack is niet heel erg opvallend. De structuur is leuk bedacht, met de vragen waarvan de antwoorden de aanknopingspunten vormen voor het levensverhaal van de hoofdpersoon. Wel werd dat voor mijn gevoel wat lang uitgesponnen, waardoor ik de aandacht er niet altijd bij had. Hierdoor kom ik uiteindelijk uit op 3,5*.
    Bezitsdrang is een groot struikelblok. Het is de ziekte die begeerte wordt genoemd. Van bezittingen raakt men bezeten. Er is nooit genoeg. Maar je kan niet de hele wereld onder controle krijgen en hem de jouwe noemen. Hoe meer je vergaart hoe meer je dit beseft. Je huis te hebben als een meubel-showroom annex museum voor moderne technologie, annex bibliotheek en kunstverzameling is een hopeloze onderneming. Materialisme is een geestesziekte in de categorie der gespletenheid. Iedereen weet dat geluk niet gekocht kan worden. Al waar je op mag hopen is een wereld die toegankelijk is zodat, hoewel niet de eigenaar, men de bezoeker kan zijn. Hoe meer we willen bezitten, hoe minder toegankelijk onze cultuur wordt. Je juiste vraag is aldus: hoe komen we van deze hindernis (afb.) af en hoe krijgen we een open cultuur. Eind twintigste eeuw is dit nog steeds science fiction. Er is een internet dat iedereen met iedereen verbindt en het ideaal van een open cultuur benadert. Maar nog steeds moet alles worden gekocht en bewaard. Dan zijn we eigenlijk nog als de Neanderthaler die niets anders wist dan te jagen en te verzamelen. Homo Sapiens is echt een andere soort. We hebben elkaar te kennen en niet te jagen en te bezitten. Aldus moeten bij private danwel overheids-inspanningen informatiebanken worden geschapen en toegankelijk gemaakt voor iedereen. Het is niet mogelijk noch bevredigend de lijn van vergaren en bezitten voort te zetten. Uiteindelijk moeten televisie, radio, stereo etc., boeken en computerprogramma’s worden gehanteerd met één venster op de wereld beschikbaar voor allen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *