“nieuwste survival gear 2016 winkel survival gear”

De bicamerale geest functioneerde als alle gehoorde stemmen ongeveer in dezelfde richting spraken en de visioenen dezelfde aanwijzingen gaven. In de prehistorie was dat grotendeels het geval. Met de sociale differentiatie in de stam waarbij elke familie zijn eigen goden had, begonnen de stemmen van de goden echter soms verschillende dingen te zeggen. In die kringen begon een oppergod (‘Zeus’, ‘Jupiter’) de knoop door te hakken. Een ziener moest soms ‘zien’ wat precies het probleem was waar men voor stond en welke voorspellingen, i.e. oplossingen, daaruit voortvloeiden. Het hallucinatorisch karakter van het denken wordt dan geïllustreerd door het feit dat die zieners dikwijls blind waren, precies om beter te zien, zoals de ziener Teiresias van Thebe. Vanaf 2.500 v. Chr. (we zitten dan echter reeds ver in de landbouwsamenlevingen en het neolithicum) begon hier en daar echter een collaps van het godendom op te treden, toen door de toenemende vermenging van de volkeren (ten minste in het Midden-Oosten en het gebied rond het oosten van de Middellandse Zee) het aantal goden en oppergoden danig toenam en hun interne verdeeldheid schrijnend werd. De goden vervaagden en de mensen verloren het contact: Jezus Christus sprak in zijn Bergrede over de ‘armen van geest’ (‘arm’ komt van een wortel ‘arbhma’, Grieks ‘orfanos’, ‘beroofd van, wees’, Latijn ‘orbus’, ‘beroofd van’, in het Nederlands ‘erf’, ‘erfgenaam’ en ook ‘arbeid’). De levenswijze werd uiteindelijk voor velen een zaak van xxxxeen bewust gekozen geloof, een geloof dat een overgave werd, onberedeneerd maar toch zo goed mogelijk gerationaliseerd (‘geloven’ = ‘gezamenlijk liefhebben, prijzen’). De ‘god’ werd God, met grote G.
Geest: Het mentale van het zich gelijkrichtend ego, richting van het mentale; eveneens vergeleken met programma. Beschreven als leven gevend en van een zekere gemoedstoestand. Een manier van zien, een conditionering. Men spreekt in het Nederlands ook wel van verstand en verstandhouding (zie verder een artikel over de definitie van spiritualiteit).
‘Gezegend zou de gedroomde beer zijn. Kijk naar de afmeting, kijk naar de vorm. Gezegend is de Griek, zoals het verteld wordt, want hij heeft niet alleen een bult op zijn rug, maar ook één tussen zijn benen. Hij is kameel in plaats van dromedaris. Of althans dat was hij tot ik hem ontmande.’
Deeltjes knalden tegen de romp en gloeiden op als wonderkaarsen. Het klonk als een hagelbui op een tentdak. Meeuw schoof in de draaikolk langzaam op naar binnen, steeds dichter bij dat grote, gapende niets… totdat de zwarte bol alle sterren leek te hebben opgeslokt.
Dat is zonder meer als weggelegd, en daarnaast doet meen veel aan vooronderzoek en veel aan publicaties binnen de scene, dus niet zoals bij ons met foldertjes op andermans pasars of dansavonden, men pakt een regionale krant of tijdschriften die erop betrekking hebben en man gaat gewoon publiekelijk adverteren.
De ene afrekening en methode die daarvoor gebruikt wordt is humaner dan de andere. Het voorbeeld voor Groen Linkse stinkhippies was Pol Pot. Links vond dat humaan. De knekelhuizen vol botten en opgestapelde schedels. De massagraven met miljoenen ongeïdentificeerde onschuldigen, de rottende kadavers op wat eens vruchtbare akkers waren. De heropvoedingskampen op het platteland voor eenieder die het gewaagd had intellectueel te zijn te kunnen lezen. 
Een creatieve start van het nieuwe seizoen Deze herfst staat in het teken van creativiteit bij het ZRCN. Zo kun je toneelspelen bij Trias en zijn wij benieuwd naar jouw ervaringsverhalen. Wil je liever
Maar dan verlagen wij onszelf tot precies de zelfde methoden die linkse fascisten als bijv. nazi ”rechter” Roland Freissler in de XXe eeuw hebben toegepast en zo van de rechtspraak een farce hebben gemaakt.
Ze schoof vier ringen aan haar vingers toen ze even bij een diepe winkel met beddenhoed bleef staan, stak een blauwe bloem in haar haar en veranderde haar manier van lopen bij het passeren van drie enorme aquariums (vol felgekleurde vissen ter grootte van haar vuist). Toen ze de bazaar uit de zuidelijke poort verliet was ze voor het oog en het gevoel niet langer meer Meyago Niloo, maar een willekeurige Lleroh-vrouw uit het noordelijke district van Ebyon.
Ze liepen in stilte de hoofdstraat door. Samuel her­kende de gebouwen om zich heen, de meeste mensen die ze passeerden, al bleven namen en gebeur­te­nissen net buiten zijn bereik. De mensen begroetten Gaetan hartelijk. Ze bleven echter afstandelijk tegen­over Samuel. Vriendelijk, dat wel, maar niet meer dan dat. Hij herkende het als een standaard­reactie tegen vreemdelingen, een houding die bijna overal ter hele wereld terug te vinden was. Niet te nieuwsgierig zijn, zeker niet als iemand pas zijn ziel terug had. Dat zorgde alleen maar voor spanningen.
Voor Truus is het de eerste keer dat ze langlauft, maar de eerste paar honderd meter gingen alvast voorspoedig. De twee hebben voor 8 euro de man ski’s gehuurd en maken een tocht van een paar kilometer in een prachtig wit landschap vol besneeuwde dennenbomen.
Met glimmend rode wangen zingt Olga voor: ‘Drink, drink en eet, het is zo goed voor je.’ Dan klinkt het hele gezelschap hard met de glaasjes zelf gestookte wodka (samogon) tegen elkaar en iedereen neemt een slok. Olga zingt verder, met wodkalichtjes in haar ogen: ‘Maak je geen zorgen. We eten en drinken wanneer we dat willen.’ Haar gekookte kip smaakt in allerlei lagen goddelijk, de bonensoep is koud ook lekker en de ingemaakte komkommer ziltzuur.
Het was een stem met een zwaar accent en het klonk krakerig en oud. De bijbehorende eigenaresse kwam al snel in zicht en Laura moest een gniffeltje onder­drukken. Als er iemand thuishoorde in dit Japanse snuisterijenwinkeltje, dan was het dit dametje. Ze was zo klein dat ze met de top van haar kruin amper tot Laura’s oksel kwam en ze droeg een kimono die aan de onderkant wat gerafeld was.
Een volgend punt van belang is dan ook de identificatie der deelnemers. Hoe weet je dat je met een echte mens te maken hebt? Dit kan door het Timay-id netwerk (afkorting van: this is me and you). Je zou het kunnen vergelijken met het rijksregister hier in België, maar zonder de noodzaak tot controle en volledig transparant. We gaan elkaar bevestigen als werkelijk bestaande persoon en dat is voldoende, zo kun je geregistreerd worden en met equi beginnen werken. Iemand persoonlijk kennen is voldoende om te registreren.
Het lijkt er echter op dat met “Keulen” één of meerdere etterbuilen die voorheen goedaardige symptomen waren, gebarsten zijn. 2016 wordt een boeiend jaar. Hier en daar wordt al gesignaleerd dat de ganse kwestie in het voorjaar (wanneer weer een paar miljoenen vluchtelingen en asielzoekers klaar zouden staan om zich in Europa te “vestigen”) tot een ware revolutie zal leiden. En dat signaal komt dan nog van een journalist met een behoorlijk integere reputatie, Arnold Karskens. En Karskens mag dat vandaag (8 januari 2016) zelfs in de NRC schrijven (dé Nederlandse kwaliteitskrant).
‘Ach, mag hij wel zo’n stukje worst?’ vroeg de oudere meneer, terwijl hij over de toonbank naar de gekookte worst reikte die daar nog in stukken op de snijplank lag. Berend wilde hem tegenhouden maar de man had het vlees al gepakt en gooide het naar de hond, die het behendig opving. Het werd, met een korte, afgekapte kreet, in één keer weggehapt.
Positieve factoren: humor, wil om te leven, toekomst plannen, vertrouwen hebben in jezelf en in je capaciteiten, zijn een paar van de positieve aspecten die je in staat zullen stellen om mentaal niet in elkaar te storten. Mijn drinkfles is half vol in plaats van half leeg. Een uitdrukking die iedereen wel kent, maar zo een gedachte in een uitzichtloze situatie kan je heel wat hoop geven, en hoop doet leven! Het positief denken begint weer al bij een goede voorbereiding. Als je weet dat je kunt vertrouwen op je capaciteiten omdat je de nodige training gehad hebt of dat je heel wat tijd gestoken hebt in het kiezen van het materiaal in je overlevingskit zul je een goed gevoel hebben wanneer het noodlot toeslaat.
‘Wie heeft een gouden ticket?’ Die vraag ging vorige week als een lopend vuurtje door het Havenziekenhuis in Rotterdam. Vanwege de ‘Dag van de verpleging’ op 12 mei kregen alle medewerkers een attentie: een dikke reep Tony Chocolonely-chocolade. Maar er was meer. In vijf van de 1000 tabletten zat een gouden ticket verstopt. De gelukkige winnaars kunnen zich binnenkort een paar uur Sjakie in de chocoladefabriek wanen en met de hele afdeling genieten van een grote chocoladefontein of andere smakelijke chocoladeprijzen. Op de foto Bianca Slooff van de polikliniek urologie. Zij is een van de gelukkige winnaars.
‘Je zei iets over een boodschappenlijstje.’ Harrald voelde een vijandig­heid bij zijn ouders die hij rationeel wel kon bevatten, maar hij was ervan overtuigd dat Ariadne de oplossing van hun probleem was.
Onder het steriele licht van de gloeilamp in de woon­kamer leek de puzzeldoos een onschuldig speeltje. Samuel had de doos uit zijn werk­plaats gehaald en staarde er nu al bijna een uur naar. Hij had nog altijd geen idee wie het gemaakt had en wat er in zat. Was het een cadeau geweest voor een lang vergeten ver­jaar­dag? Dat kan, maar waarom kon hij er zich dan niets meer over herinneren? Hij pakte de doos op en wreef over het ganse oppervlak. De zon aan de boven­kant, geflankeerd door graan. Aan de onderkant vormden de lijnen een maan die boven een blank land zweefde. Allemaal eenvoudige symboliek. De dag die gevolgd werd door de nacht om dan weer over te gaan tot de dag. Leven en dood, gevolgd door een weder­opstanding. Samuel was geen gelovig persoon, in tegenstelling tot sommigen die de eeuwige cyclus van reïncarnatie als een geschenk van een Schepper beschouwden. Toch sprak de symboliek van de doos hem wel aan. Simpel en met betekenis.
Het voorgaande laat logischerwijze toe een ophefmakende stelling te formuleren: alleen wie van zichzelf vindt dat hij/zjj een “apart persoon” is die verschilt van al zijn/haar medemensen, bloed- en stamverwanten incluis, kan zich vervelen. Alleen dat soort mensen kunnen zichzelf bij het wachten op een trein of in een wachtzaal de duvel aandoen met zich af te vragen: “Wat zit ik hier in godsnaam te doen?” Verveling is dan ook typisch voor mensen met een bijzonder particulier beroep dat hen anders maakt dan de “gemene mens”. Boeren en bouwvakkers als sociaal type vervelen zich bijvoorbeeld zelden. Wel: kunstenaars allerhande, alle mensen dus die zich geroepen voelen een talent dat hen persoonlijk eigen is, te oefenen en tot vervolmaking te brengen. Dat soort lieden en enkelingen komt uiteraard als eerste in aanmerking om zichzelf ten prooi te geven aan een energieverslindende verveling die hen, het mag paradoxaal lijken, ook nog een bijzonder dubbelzinnig masochistisch genot verschaft. (Je moet een “verheven” mens zijn, een halve al of niet vervallen edelman, om je de luxe te kunnen permitteren de verveling over je te laten neerdalen. Net zoals je rond de jaren 1900 een sociale mislukkeling waart als je niet opgezadeld zat met een “neurose” of van je dokter niet de diagnose “neurasthenie” had meegekregen! Neuroticus of neurasthenicus zijn betekende toen zoveel als rijk genoeg zijn om ziek en dus zonder te moeten gaan werken door het leven te kunnen gaan. In de marge van die Belle Epoque had je dan natuurlijk van die mafketels en niet al te slimme fraudeurs die dachten van de gelegenheid te kunnen profiteren. Zij poogden met heel matig succes te “trichen” met die oorzakelijkheidsketen “eigenzinnigheid => verveling”. Zo van: “Ik verveel me, dus ik moet een kunstenaar zijn!” Anderzijds geldt eerlijkheidshalve natuurlijk ook: wie over de ganse lijn uitblinkt door gebrek aan talent, mag zich met recht en reden publiekelijk voorstellen als een “heel bijzonder en apart persoon”. Al ontbreekt hun dan weer het talent om zich dat zelfbesef effectief eigen te maken.)
‘Broeders, zusters, gedraag je zoet,’ zing ik en ze gehoorzamen altijd. Het levende vlees vormt een knap gezicht en menige klant heeft mij complimentjes gegeven voor de warmte en zachtheid van mijn wangen. Natuurlijk zijn maden alleen niet genoeg. Mijn robijnrode lippen zijn twee verse kippenhartjes, mijn wimpers zijn hoogst elegante rupsen, harig en zwart. Mijn wenkbrauwen zijn hongerige bloedzuigers en mijn haar bestaat uit honderden van de fijnste spinnenwebben. Enkel mijn ogen zijn van mijzelf, en mijn tanden, maar ik maak die zwart met houtskool. Mijn ogen zijn al perfect: groot, glanzend, als de reflectie van een tweelingmaan in een midder­nachtelijk meer, zei een dichter eens. Ik was beroemd om mijn ogen, lang voordat ik beroemd werd voor mijn verraad.
De zwarte Maan in Vissen in het 6de huis en Priapus in Weegschaal in het 12de huis maakt ons bewust van het evenwicht en de dynamiek tussen het mannelijke en het vrouwelijke.*17 In ieder mens, zowel man als vrouw, is dit evenwicht van groot belang. Te veel daadkracht en naar buiten gericht zijn, maakt dat de verbinding met je innerlijke wijsheid om jouw eigen uniek pad, dromen en gevoel te volgen verloren gaat. Te weinig daadkracht en teveel gericht zijn op de binnenwereld maakt dat je je dromen onvoldoende vormkracht kunt geeft in je leven. De ene kwaliteit kan niet zonder de andere. We noemen de innerlijke samenwerking tussen man en vrouw ‘het heilige huwelijk’.
Identiteit: Identiek zijn aan jezelf, de gelijkheid van essentiëel karakter. Het heeft gewoonlijk betrekking op het beeld dat mensen van je hebben en de overeenkomst van dat beeld met het beeld dat je van jezelf hebt of zou willen hebben. Vertrouwd met jezelf zijn er positieve identificaties. Het tegendeel is gedefiniëerd als vervreemding. Formele identificatie wordt problematisch genoemd daar de echte (unieke) persoon schijnt te verdwijnen in de uniformiteit van een groep. Materiëel heeft de term betrekking op het op juiste wijze georiënteerd zijn in je zelfbeeld naar het hier en nu in de tijdruimte van je lichaam. Hierin gestoord zijn behoort tot de definitie van geestesziekte: men is gedepersonaliseerd of gedesoriënteerd niet bewust van de eigen verantwoordelijkheid voor de plaats en timing van het eigen lichaam. Filognostisch weet men dat de mensheid lijdt onder een identeitskrisis -politiek- gespleten (verdeeld) zijnde in het bewustzijn van plaats en tijd: het internationale pragmatische tijdsysteem dreigt de persoon in zijn culturele authentieke identiteit te verslinden wat betreft zijn gevoel voor natuurlijke timing overeenkomstig zijn plaats (waarvan de ziel als slecht of nationalistisch wordt veroordeeld). Derhalve wordt men filognostisch als zelfbewust beschouwd als er sprake is van realisatie van een formele identiteit zonder zich in de uniformiteit of ander gedrag van een groep verloren te hebben.(zie ook kleurenkode , de afb. en The Game of Order). Identificatie buiten de motieven van de ziel om wordt beschouwd als de oorzaak van gehechtheid (welke leidt tot een verlies van intelligentie).
Voorbeelden die geschikt zijn om een pure uitdrukking van Geest in de Stof te ervaren zijn: Klank met eigen stem of met hulpmiddelen, schilderen, yoga, hout-, steen- of leerbewerking, enzovoort. Kristallen kunnen ook een anker zijn voor de polarisatie van het ZIJN. Daarom kan het heilzaam zijn om een kristal te dragen. Vooral de ruwe varianten met kristalstructuur zijn krachtige hulpmiddelen. Een multi-dimensionaal kristalnetwerk (een Kosmos-Aarde organisatie van kristallen) is een macro-opbouw van deze natuurlijke polariteit. In mijn praktijk in Lisse staat zo’n netwerk. De natuur met haar natuurwezens heeft ook deze macro-ankering van ZIJN, van polarisatie zonder dualiteit en geeft ons dus ook rust en houvast in het huidige proces.
Natuurlijk kan er egotripperij zijn maar dat zal niet volstaan. Bij wijze van experiment kan iedereen van alles proberen, net als een kunstenaar. Om een huwelijk of een betrokkenheid bij de grote wereld echt werkzaam te hebben echter, hebben we afspraken nodig. Verliefde mensen mogen privé in hun belangen zijn, maar vroeg of laat zal de betrokkenheid met de grotere samenleving behoefte tonen aan bevestiging. Daar niemand een eiland is, kan noch een echtpaar of een andere ‘folie a deux’ doorgaan zonder verdere aanpassing en integratie. Sociale kontrole kan een groot obstakel zijn als allerlei soorten van doofheid, lafheid en vooroordeel het privé-experiment van ontwikkeling kunnen veroordelen en blokkeren. Ontwikkeling betekent ofwel pijn ofwel waanzin, dood ofwel ziekte en er tussenin koorddansen is niet een enkel een sociale of antisociale aangelegenheid. In feite is er naar de God van de Tijd een voortdurend amenderen nodig met een stevige greep op de wetenschap van de ziel als beste garantie van voortzetting.

One Reply to ““nieuwste survival gear 2016 winkel survival gear””

  1. Een tweede manier waarbij organismen elkanders gedrag kunnen modifiëren bestaat in niet-fysische interacties waarbij de interagerende organismen elkaar oriënteren binnen hun respectievelijk cognitief domein (het geheel van mogelijke interacties tussen een individu en zijn omgeving waarover dat individu beschikt). Zulke oriënterende interacties zijn communicatief: organisme A oriënteert het gedrag van organisme B naar een deel van zijn cognitief domein, zonder echter het verloop van diens gedrag te specifiëren. Hierbij wordt geen aaneengekoppelde keten van interacties uitgelokt zoals bij gedragskoppeling: immers het eventuele gedrag van beide organismen hangt af van de uitkomst van hun onafhankelijke maar toch parallelle interacties binnen hun eigen respectievelijke cognitieve domeinen. Het eerste organisme genereert met zijn gedrag een perturbatie die het tweede organisme ertoe brengt zich in zijn eigen cognitief domein te gaan oriënteren. De niet-linguïstische oorsprong van communicatief gedrag is merkbaar aanwezig bij veel dieren die met hun zichtbaar of hoorbaar gedrag coöperatief handelen bij een soortgenoot of soortgenoten uitlokken: b.v. een alarmgsignaal bij het waarnemen van een vijand; de coöperatie bij vogels, dolfijnen en primaten. Communicatief gedrag kan zich alleen ontwikkelen als de cognitieve domeinen van de interagerende organismen (hun ‘leefwereld’) in ruime mate samenvallen en vergelijkbaar zijn: een consensus-domein van coöperatieve interacties kan worden gevormd (een natuurlijke taal). Het gaat hierbij niet om de transmissie van informatie en al evenmin om de beschrijving van een onafhankelijk van ons bestaand universum waarover de dieren ‘spreken’. Taal is niet denotatief: het verwijst naar niets, het oriënteert de aangesprokene in zijn cognitief domein maar verwijst als dusdanig niet naar entiteiten die onafhankelijk buiten ons bestaan. Communicatieve interacties zijn intrinsiek niet-informatief, in de zin dat de ‘informatie’ geenszins de vorm bepaalt (‘in-form-eert’) van het antwoord van de aangesprokene. Vermits binnen de visie van de autopoiesis de activiteit van een zenuwstelsel nooit met een ander zenuwstelsel kan worden gedeeld, kan er niets ‘gecommuniceerd’ of overgedragen worden. De wijze waarop de aangesprokene zich oriënteert binnen zijn cognitief domein, is onafhankelijk van wat de ‘boodschap’ voor de spreker betekent. De consensualiteit gebaseerd op de vergelijkbaarheid van de cognitieve domeinen van de sprekers, komt wel over alsof de communicerende organismen een gemeenschappelijke wereld delen. Maturana & Varela’s analyse is een biologische, geen psychologische: het doet dan ook niets af van wat wij in onze schets van de mentalisering over gemeenschappelijkheid hebben gezegd. Dus, om samen te vatten: in de oriënterende interactie veroorzaakt het sprekend gedrag van organisme A in het zenuwstelsel van organisme B een specifieke activiteitstoestand dat de relaties belichaamt die in de interactie zijn gegenereerd en zo het gedrag van organisme B ‘representeert’. Als organisme B dan doorheen zijn structurele plasticiteit kan interageren met deze ‘representaties’, dan heeft zich een linguïstisch domein gevormd. Als een jager vingerwijzend tegen een ander zegt: ‘Zie, een beest’, dan gaat de andere jager zich oriënteren en richten binnen zijn mogelijkheid aan gedragingen en coöperatief gaan kijken in de richting van de uitgestoken vinger van de eerste (maar in principe kan hij evengoed niet kijken).
    ‘Waarom zwalkte je dan helemaal alleen op zee als je zulke goede relaties met Karel hebt, en bovendien ben ik al getrouwd,’ antwoordde Offa, wiens geest een labyrint was vol kuilen en valstrikken en lepe, on­navolg­bare gedachten als nordische knopen die ook nog eens met elkaar zijn verknoopt, maar wiens wijze van uitdrukken vaak bot en ruw was. Evenals zijn bloedbevlekte daden.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *