“dual survival gear bewaker overlevingsuitrusting boise id”

Dat het veekapitaal eigendom was van de man is vanzelfsprekend. Het zijn dan ook de herdersvolkeren die in eerste instantie het strengste patriarchaat zouden invoeren, zoals te lezen valt in de Bijbel en de Koran, een patriarchaat dat nog steeds meer dan dominant is in het Midden-Oosten en bij de Afrikaanse stammen op de rand van de Sahara. Zoals reeds gezegd stoelde de veeteelt (en ook de landbouw) veel minder op brede interfamiliale coöperatie dan de jacht, zodat eenieder meer op zijn familie terugviel. De patriarchen wilden vanzelfsprekend hun kapitaal binnen die familie houden. Overigens konden door de productiviteitsstijging de families zich verder opsplitsen in kleinere eenheden, zodat we stilaan van gezinnen konden spreken. Echtgenotes waren dus veel meer dan voorheen op elkaar aangewezen. De patriarchen stonden erop hun bezit door te geven aan hun kinderen en liefst dan nog aan hun zonen en onder die zonen bij voorkeur aan de eerstgeborene. Patrilokaliteit (de bruid gaat inwonen bij de familie van de bruidegom) werd de algemene regel. De gehuwde vrouw werd strikte monogamie opgelegd, zodat de man zeker was dat de kinderen die zij baarde wel degelijk de zijne waren. Hierdoor verschraalde de vrouwelijke seksualiteit: overspel van de vrouw werd met de dood bestraft. Haar lichaamsvormen werden verhuld in een kleurloze kledij. De vrouw werd als het ware onder huisarrest geplaatst en vastgekluisterd aan het weefgetouw. De mannen werden bijzonder jaloers. Ze werden ook brutaler en agressiever, niet alleen jegens hun vrouw(en), maar ook jegens hun kinderen, vooral hun zonen van wie ze immers plots iets heel klaar en duidelijks verwachtten: het beheer van het eigendom overnemen wanneer de patriarch oud en stervende was.
Dan drukt ze een harde, koude vorm tegen de nor­male anatomische locatie van mijn ribbenboog. Ik hoor de onmiskenbare metalen klik van een uitge­schakelde veiligheidspal. Ik heb ternauwernood de tegen­woordig­heid van geest voor het directief dat we voor juist zo’n gelegenheid hebben voorbereid
Goed. Na snel de ronde langs de kinderafdeling en de spoed afdeling te hebben gelopen was er ook een chauffeur beschikbaar. In Bolgatanga haalden we op het kantoor van de baas de nodige documenten op (die ik zelf ook wel had gehad trouwens)
Die ochtend, tijdens het ontbijt, net na zijn eerste kopje koffie en precies voordat ze een slok van haar ontbijtsmoothy had genomen, was hij begonnen over de seven-year-itch en over de nieuwe inzichten die Linda hem daarover had ingefluisterd. De snol. Hij verzocht Sterre met zijn bruine hondenogen om een time-out waarbij ieder zijn eigen zaden kon laten waaien over ‘onontgonnen velden’. Waar zijn zaad naartoe zou waaien, wist ze al.
Er is in onze samenlevingen een vreemde onzichtbare kracht aan het werk. Een kracht die wij blijkbaar niet kunnen lokaliseren, niet kunnen duiden, dus ook niet kunnen bestrijden. Die on(be)grijpbare kracht vraagt ons, eist van ons, op straffe van allerlei tastbare sancties, dat wij op elke situaties op een gepaste wijze reageren, reageren zoals het hoort, zonder dat iemand ons kan zeggen hoe het nu eigenlijk hoort. Die kracht vraagt ons nu eens te reageren zoals een dier dat gepast elke prikkel beantwoordt volgens een eigenlijk biologisch vastgelegd schema. En dan weer zoals een machine die gepast reageert op elke informatie die ze ontvangt, op basis van een vooraf vastgelegd programma dat de machine stuurt. Wie ons vraagt te reageren zoals het hoort, weten wij niet. Wij weten dat het ons Zelf niet is en ook dat het God eigenlijk niet is, maar wie dan wel? Het is ook de Maatschappij niet, want die zendt de meest uiteenlopende signalen naar ons toe. Die kracht vraagt juist dat wij ons in dat brouhaha van signalen toch correct weten te gedragen. Wie bepaalt wat hoort en wat niet hoort, heeft een kafkaiaanse allure: het is niet langer de Wet zoals die door koning of parlement wordt uitgevaardigd. En God, de God van de eeuw die de wereld bestuurde – niet die van kardinaal Danneels – die God is geëuthanaseerd, zoals hij in zijn jonge jaren geschreven wilsbeschikking heeft gevraagd.
Zoals eerder besproken, is alleen bidden en werken niet genoeg. In het bijzonder in een kultuur waarin de media zeer prominent zijn geworden wordt een groot deel van de arbeid verricht terwille van het afstand houden. Meer en meer mensen die steeds maar dichter op elkaar leven maken de informatiekultuur noodzakelijk die de vervreemding overwint aan de ene kant terwijl anderzijds de mensen gescheiden worden gehouden. Op die manier t.v. kijken is bijna een beroep van vredeshandhaving middels de sociale zekerheid geworden met behulp van een multimedia-computer als een antwoord op het probleem van van de eenzijdige (één-richtings-verkeer-) informatie. Natuurlijk mag afstand houden en afstand bevestigen niet eindeloos doorgaan. Het mag dan een baan zijn in een overbevolkte wereld, maar voor iedere baan moet er een tegenwicht bestaan. Werk en ontspanning zouden elkaar moeten afwisselen, en zo moeten afstand houden en afstand bevestigen, worden afgewisseld met het tegendeel: men moet de afstand overbruggen en aanwezig zijn niet langer proberend de afstand te bevestigen maar het in het werkelijke kontakt te leggen. Praktisch neemt dit de vorm aan van een nieuwe wijze van rust nemen: een media-arrest op dagen naar een alternatief schema om te kontrasteren met de kultuur en het tijdbewustzijn. Aldus hebben we zondagen en zaterdagen die van een religieuze of familiaire aard mogen zijn maar nog steeds betekenen dat we aan de media werken. Zo hebben we ook werkdagen die de media negeren, alleen bedoeld voor de vrije associatie in sociale aanwezigheid terwille van de sociale kontrole. En er zijn dagen dat beide soorten elkaar overdekken vanwege het kontrasteren van het bewustzijn van de verschillende tijdschema’s (tabellen). Dit is de complexiteit van de postmoderne informatiekultuur: het is zo ingewikkeld en divers dat verschillende dagen nodig zijn alleen maar om te studeren en te contempleren – niet werkend voor afstand houden en om uit te gaan – èn dagen voor het vieren van een nieuw seizoen en het vergeten van al het overige. Van de chaos van vrije exploratie van al het menselijk vermogen verheft zich een nieuw soort van orde die alles regelt naar zijn eigen aard: de politiek van de tijd, de toepassingen van de wetenschap, de religies van de oude en de nieuwe tijd (New Age) en de natuurlijke orde van de voorvaderen. Zo kan de moderne mens zijn ziel terugvinden met extra dagen van festiviteit en ontspanning, het begrip van arbeid en het houden van vakanties herdefinierend. 
Wanneer jullie je naar het laatste kwadrant bewegen, wordt het verlangen om dienstbaar te zijn naar de wil van de derde chakra verplaatst, je zult meer geïnspireerd worden voor de manifestatie die het groepsbewustzijn dient.
‘Saladin is dood, Va.’ Na een korte, maar onmis­ken­bare aarzeling spert ze haar ogen open en slaat ze een hand voor haar mond. Ze is altijd jaloers gebleven, maar ze mocht hem wel. ‘Sal is dood, en hij was degene die volgens ons plan mijn identiteit, mijn continuïteit zou bevestigen, naar jou toe, naar Mook toe, naar de mensen. Alleen als ik nog leef, nog ben wie ik ben, ben ik nog Alloceur. Zonder Sal ben jij de enige die mijn identiteit kan bevestigen.
‘Je zei iets over een boodschappenlijstje.’ Harrald voelde een vijandig­heid bij zijn ouders die hij rationeel wel kon bevatten, maar hij was ervan overtuigd dat Ariadne de oplossing van hun probleem was.
3. de jagersmythologieën waren zo toegespitst op de jachtdieren dat een nieuwe kijk op planten uitgesloten was. De kennis betrof de jacht (en de oorlog) en al wat ermee samenhing. Ook de ontwikkeling van nieuwe technieken gebeurde vermoedelijk in eerste instantie met betrekking tot de jacht. Grondige aanpassingen van de kennis en de mythologieën, op basis van veranderingen in de levenscondities, waren alleen mogelijk daar waar er nog een ‘gezonde’ balans of mix was tussen mythische elementen die naar dieren verwezen en elementen die naar planten verwezen. Elders, daar waar de jacht dus overheerste, werden wijzigingen aan de mythologieën als dissidente goddeloosheid afgedaan en die dissidenten maakten amper een kans het publiek maken van hun voorstellen te overleven.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *